zondag 17 november 2019

Italiaanse uientaart

Een succesvolle oogst uien in een grote mand is een reden om iets anders met uien te doen dan een gebakken uitje. In mijn favoriete kookboek (1997) vond ik een recept voor een uientaart (crostata salata di cipolle) uit de bergachtige regio Valle d’Aosta, in het noordwesten van Italië. Het recept heeft aspecten van slow cooking maar dan heb je ook wat.

Piedeeg
250 gram bloem,
Snufje zout
125 gram koude boter
4 eetlepels water

Maak het piedeeg (Engels korstdeeg, pasta frolla in het Italiaans) en laat dit minimaal een half uur rusten in de koelkast. Voor een lage bakvorm had ik aan de helft van het deeg genoeg voor de uientaart. De rest van het deeg kun je goed bewaren in de vriezer.


1 kilo uien
2 eieren
200 gram crème fraîche
½ theelepel geraspte nootmuskaat
Zout en peper
30 gram geraspte Parmezaanse kaas
  1. Schil de uien en snijd ze in dunne ringen.
  2. Verhit wat olijfolie en boter in een braadpan en voeg de uien toe. Bak de uien op laagvuur totdat ze zacht zijn. Dit duurt een half uurtje. De uien mogen niet bruin worden dus roer af en toe en gebruik eventueel een deksel.
  3. Verwarm de oven voor tot 190°C.
  4. Vet een lage bakvorm in met wat boter en rol het deeg uit tot een dunne lap. Bekleed de vorm met het deeg en prik wat gaatjes in de bodem. Leg bakpapier op het deeg en een blindbakvulling (oude peulvruchten) en bak het deeg 10 minuten in de oven.
  5. Klop 2 eieren los met de crème fraîche en voeg zout, peper, nootmuskaat en de kaas toe.
  6. Roer de uien erdoor.
  7. Verwijder de blindbakvulling en vul de vorm met het uienmengsel.
  8. Bak de uientaart in 30-40 minuten gaar totdat de taart aan de bovenkant mooi bruin is.

zaterdag 2 november 2019

Chocoladepudding uit Asti

Dit Italiaanse toetje heeft in het Italiaans verschillende namen, zoals bunet alla piemontese of bonet all'astigiana. Het is een traditionele pudding uit de regio Piemonte gemaakt van melk, cacao en amandelkoekjes. In mijn kookboek heet het een bunêt en dat betekent muts. Dit toetje maak je in een ronde vorm en omdat het een beetje rijst in het midden lijkt het op een hoed die in de 18e eeuw in de mode was. De ronde vorm die ik gebruik heeft een diameter van 15 cm en is 7 cm hoog. Ik houd dan van het beslag altijd nog een klein beetje over voor een klein bakje. Van de pudding kunnen met gemak 6-8 personen eten.

Het is geen ingewikkeld recept om te maken en de meeste tijd ben je kwijt aan het klaarzetten van de ingrediënten en de baktijd in de oven. De pudding is veel lekkerder dan te zien op de foto (het was te gezellig en donker aan tafel).



Ingrediënten

½ liter melk

50-60 gram lange vingers in kleine stukjes

60 gram amaretti (amandelkoekjes) in kleine stukjes (eventueel te vervangen door bitterkoekjes)

2 eetlepels vers gezette espressokoffie

1 eetlepel instantkoffiekorrels

1 eetlepel rum

1 eetlepel marsala

2 grote eieren

90 gram suiker

30-50 gram suiker om karamel te maken

25 gram cacaopoeder



Bereiding

  1. Breng de melk in een pan aan de kook en laat hem afkoelen.
  2. Zet alle ingrediënten klaar.
  3. Verwarm de oven op 180°C.
  4. Strooi wat suiker in een pan en verwarm de pan totdat de suiker bruin wordt en begint te karamelliseren. Niet roeren!
  5. Giet de karamel in de ronde vorm totdat minimaal de bodem goed bedekt is. Als het lukt neem dan nog een beetje van de rand mee.
  6. Zet een braadvorm in de oven met heet water.
  7. Roer de lange vingers en amandelkoekjes door de melk, gevolgd door de espresso, de instantkoffie, rum en marsala.
  8. Klop in een kom de eieren met de suiker en de cacao tot een luchtige massa.
  9. Roer het melkmengsel hierdoor.
  10. Giet het puddingbeslag in de vorm en bak de pudding 40 minuten au bain-marie in de oven.
  11. Neem de pudding uit de oven en laat hem afkoelen.
  12. Stort de pudding op een schaal en serveer! De karamel loopt dan ietwat langs de pudding.

vrijdag 25 oktober 2019

Japanse melkbroodjes

Het bakvirus kwam overwaaien uit Wormerveer en dit recept kwam mee. Lekkere zachte, luxe broodjes! Nieuw in dit recept is het voordeeg, de tangzhong, een papje van bloem, water en melk. Doel hiervan is dat het brood lekker zacht wordt en vooral langer houdbaar is. In het Nederlands wordt dit een kookstuk genoemd. Ik had er nog nooit van gehoord.

Ingrediënten
Tangzhong
  • 43 gram water
  • 43 gram volle melk
  • 14 gram bloem
Deeg
  • 298 gram bloem
  • 18 gram melkpoeder
  • 50 gram suiker
  • 1 theelepel zout
  • 1 eetlepel gedroogde gist
  • 113 gram volle melk
  • 1 groot ei
  • 57 gram gesmolten ongezouten boter
Bereiding
1.    Meng in een pannetje het water en de melk voor de tangzhong en roer de bloem erdoor totdat er geen klontjes meer zijn.
2.    Verwarm dit mengsel langzaam (ongeveer 5 minuten) en blijf kloppen totdat het dik wordt en de garde strepen op de bodem achterlaat.
3.    Laat de tangzhong afkoelen tot kamertemperatuur.
4.    Meng de ingrediënten voor het deeg en voeg de tangzhong toe. Kneed totdat je een elastisch deeg hebt. Je kunt hiervoor prima de broodbakmachine gebruiken.
5.    Laat het deeg 60-90 minuten rijzen.
6.    Vet een lage bakvorm in met wat boter.
7.    Verdeel het deeg in 8 gelijke stukken en vorm van elk stuk deeg een bolletje.
8.    Leg de bolletjes in de vorm met ongeveer 2 centimeter tussenruimte. Bijvoorbeeld één bolletje in het midden en de rest erom heen.

9.    Laat het deeg nog een uurtje rijzen. Als je haast hebt dan kun je ook de magnetron voorverwarmen door een bakje water te verhitten en daarna de bakvorm in de warme magnetron plaatsen.
10. Verwarm de oven voor op 180°C (of 170°C bij een heteluchtoven).
11. Klop een ei of eidooier los met een eetlepel koud water en bestrijk het brooddeeg hiermee.
12. Bak de broodjes ongeveer 25 minuten totdat ze goudbruin zijn.
13. Haal de broodjes uit de oven en laat ze 10 minuten in de bakvorm zitten voordat je ze verplaatst naar een rek om ze af te laten koelen.

Tip: je kunt in de avond het deeg maken en de bolletjes in de bakvorm ‘s nachts laten rijzen in de koelkast. In de ochtend laat je het deeg op kamertemperatuur komen voordat je de broodjes gaat bakken in de oven.

maandag 21 oktober 2019

Portugeesjes


Ouderwets! Jazeker, kleine cakejes van vroeger die Portugeesjes werden genoemd.  En toen ik na het opruimen van de voorraadkast deze bakvorm (zie foto onderaan) tegenkwam moest ik gelijk aan Portugeesjes denken.
De zoekresultaten van google zijn vooral (Friese) bakkerijen die de Portugeesjes verkopen. Het oude kookboek ‘Ik kan koken’ heeft geen recept en bellen met Leeuwarden helpt wel met de herinnering aan het recept: andere verhouding bloem, boter en ei dan bij gewone cake en citroenschil is een belangrijk ingrediënt! Die herinneringen passen bij een recept op een Belgische site van uitgever Lannoo. Ik heb alleen de hoeveelheid suiker verminderd van 180 naar 150 gram bij de tweede keer oefenen en er was geen verschil in resultaat.
Deze cakejes zijn snel te maken maar het is wel belangrijk dat de boter en de eieren op kamertemperatuur zijn.
Dit recept is voor ongeveer 10-12 Portugeesjes maar de hoeveelheid is afhankelijk van de grootte van de bakvorm.

Ingrediënten
  • 150 gram zachte boter.
  • 150 gram suiker
  • Snufje zout
  • Rasp van 1 citroen
  • 2 eieren
  • 60 ml lauwe melk
  • 200 gram bloem
  • 2 theelepels bakpoeder
Bereiding
  1. Verwarm de oven voor op 180°C.
  2. Vet de bakvorm in met gesmolten boter en bestuif de vorm met een klein beetje bloem.
  3. Klop de zachte boter tot een luchtige witte massa.
  4. Voeg de suiker, het zout en de citroenrasp toe en klop verder.
  5. Meng de eieren er één voor één door.
  6. Zeef de bloem met het bakpoeder en spatel met een houten lepel de helft door het beslag.
  7. Roer de helft van de lauwe melk erdoor.
  8. Spatel de rest van de bloem en de rest van de melk erdoor.
  9. Verdeel het beslag over de bakvormpjes.
  10. Bak de Portugeesjes 15-20 minuten in de oven totdat ze goudgeel zijn.
  11. Laat ze afkoelen op een rooster.

vrijdag 27 september 2019

Mini hartige taartjes

Het is toch een eer als je mag koken voor een sweet-sixteen-brunch op een eerste herfstdag met zomers weer voor 20 jonge meiden. Deze mini hartige taartjes zijn leuk om te maken.

Ingrediënten
1 pak roomboter bladerdeeg
1 stronk broccoli
1 zak spinazie (450 gram)
Kaas
100 gram feta
2 eieren
Bakvorm voor mini muffins.

Bereiding
  1. Kook de spinazie gaar met wat zout en laat goed uitlekken.
  2. Hak de spinazie fijn op een plank en meng met de feta en 1 ei.
  3. Kook de broccoli met wat zout gaar en hak ook deze groente zo fijn mogelijk. Meng de broccoli met kaas naar keuze en 1 ei.
  4. Verwarm de oven voor tot 180-200 °C.
  5. Voor het vullen van 1 bakplaat heb je drie plakjes bladerdeeg nodig. Laat het bladerdeeg ontdooien, leg drie plakjes op elkaar en rol het deeg met wat bloem uit tot een dunne lap.
  6. Vet de bakvorm goed in met een kwastje en gesmolten boter.
  7. Gebruik een espressokopje om uit het deeg rondjes uit te snijden.
  8. Leg in elk gat een rondje deeg en vul het met behulp van een eierlepeltje met de gewenste vulling.

  9. Bak de mini taartjes ongeveer 15 minuten in de oven totdat ze goudbruin zijn. Haal ze gelijk uit de vorm en laat ze afkoelen op een rooster.
  10. Herhaal dit nog twee keer totdat de vulling op is.
  11. Bewaar de taartjes voorzichtig in een plastic bak of eet ze gelijk op.