woensdag 27 januari 2016

Hoppers met lunu miris of srilankese sambal




Hoppers eten in Sri Lanka een gedeelde herinnering met familie  Harkema, nog sterker vanwege hun enthousiaste verhalen bleven we zoeken naar de perfecte hopper en die vonden we bij  de meneer hier boven . Hij gaf direct zijn succesrecept omdat hij wel wist dat hoppers bakken niet zo gemakkelijk is. We probeerden deze keer de mixen meegenomen uit Sri Lanka. Na een stuk of tien slappe lukte het sommigen om een licht knapperig bakje te krijgen zoals een hopper hoort te zijn. In Sri Lanka haal je ze ook gewoon bij het mannetje bovenaan.  Eten doe je ze met lunu miris en niet met curry erin omdat ze dan direct zo zacht worden. Het is eigenlijk een soort sambal en staat vaak in enorme schalen klaar in de hoppertentjes. Lekker pittig en heel gemakkelijk zelf te maken. Karien, hiervoor gebruik ik die chilivlokken die ik je gegeven heb al kunnen ze overal doorheen waar je de pit van chilivlokken wilt. 



Ingrediënten
* eetlepels chilivlokken
* 2 verse rode pepers
* flinke snuf zout
* een rode ui
(gedroogde vis/ vissaus of halve ansjovis)
* sap van een halve limoen of iets meer naar smaak

Doe alle ingrediënten in grote stukken in een foodprocessor of fijngesneden in een vijzel en maak het zo fijn als je wilt.

donderdag 21 januari 2016

Snelle pasta met palmkool



Over palmkool schreven wij hier al eerder. Zie het recept van de soep met palmkool en krombekken of de groentesoep met palmkool en canellinibonen. Palmkool is ook lekker in bruine bonensoep. Maar er zijn meer mogelijkheden. Zo kun je er een heerlijke pastasaus mee maken. Snel, lekker en voedzaam.

Ingrediënten voor de saus - reken per persoon:
- 75 gram grof gesneden palmkool (Cavolo nero geheten bij AH)
- 1 fijngesneden knoflookteen
- 1 eetlepel crème fraiche
- 1 eetlepel geraspte Parmezaanse kaas
- 35-40 ml witte wijn

Bereiding
Verwarm in een braadpan wat olijfolie en voeg de knoflook toe. Doe de palmkool erbij en laat het even slinken. Roer af en toe. Breng op smaak met zout en peper. Voeg dan de wijn toe en laat hem 2-3 inkoken. Roer er de crème fraiche door en de kaas en laat de saus nog even sudderen totdat de groente gaar is.
Serveer de saus met pappardelle of mafaldine (zie de foto) en extra Parmezaanse kaas.

vrijdag 1 januari 2016

Scamorza


 
Nieuwjaarsdag 2016. Geen schansspringen, wandelingetje of diner maar een luie dag voor  diverse afleveringen van de serie The Legacy. Luieren heb ik genoeg gedaan deze vakantie en de kookkunsten werden nogal beïnvloed door teveel gekochte ingrediënten en vooral groente. Ik heb geen No Waste derde kerstdag diner voor vrienden georganiseerd maar het thema van de voedselverspilling kreeg op televisie iets meer aandacht dan in de supermarkt. Wat een variatie en hoeveelheden in de AH XL van Diemen waar ik naar toe gefietst was om scamorza bianca te kopen. Scamorza is een Italiaanse peervormige kaas van volle koemelk. Afgelopen zomer had ik deze kaas al uit Italië meegenomen en wist ik niet wat er mee te doen. 
Het kookboek Vegeterranean staat al jaren in mijn kast maar het zijn behoorlijk bewerkelijke recepten, o.a. met scamorza! Tijd was nu geen probleem en dus maakte ik voor Kerst de ‘Zuppa reale’, bouillon met frittatine van eieren, polenta en Parmezaanse kaas, geserveerd met gestoofde andijvie en blokjes scamorza. Van de overgebleven scamorza maakte ik afgelopen week een pasticcio met aubergine. Een relatief snel recept uit hetzelfde kookboek dat mag blijven volgens de gast aan tafel.
Uit de Klassieke Italiaanse Keuken van Marcella Hazan

Ingrediënten voor 2 personen
1 aubergine
120 gram scamorza in blokjes
1 ei
20 gram geraspte Parmezaanse kaas
1 teen knoflook
1 theelepel oregano
zout en peper
1 eetlepel kappertjes
handje verse peterselie
olijfolie

Bereiding
Schil de aubergine en snijd deze in blokjes. Week de blokjes aubergine 10 minuten in koud water. Giet af, knijp uit en doe ze in een grote pan op hoog vuur. Verwarm de aubergines, onder af en toe roeren, tot ze zacht en bijna droog zijn. Laat ze even afkoelen.
Leg een vel bakpapier op de bodem van een kleine springvorm en vet de vorm licht in.
Meng de aubergine met de kaas, de fijngehakte knoflook, het losgeklopte ei en de oregano. Breng op smaak met zout en peper en schep het mengsel in de vorm. Bak de pasticcio 25 minuten in een oven van 180°C.
Hak ondertussen de peterselie en kappertjes fijn en maak er een sausje van met wat olijfolie.

donderdag 26 november 2015

Sardijns menu


Een pakje pane Carasau in de kast en de 2016-familiereis naar Sardinië inspireerden mij afgelopen weekend tot een bijna geheel Sardijns menu voor twee oud-collega’s. Alleen de wijn kwam nog uit Aquileia. De kookboeken ‘Culinair Sardinië’  en ‘Groenterecepten van Italiaanse osteria’s’ kwamen goed van pas.

Als antipasti een geheel andere peperonata met tomaat en basilicum en een artisjokkensalade geserveerd met pane carasau. Ik liet dit flinterdunne brood, ook wel muziekblad - carta da musica - genoemd, heel even weken in water en besmeerde het daarna met een beetje olijfolie. Het brood bevat niet veel vocht is daardoor lang houdbaar. Herders namen het vroeger mee op hun lange tochten met hun kuddes. Bak het brood lichtbruin en knapperig in de oven.

Als eerste primo een klein kopje erwtensoep met ricotta en als tweede primo ravioli met de laatste snijbiet uit de moestuin en pecorino sardo. De secondo bestond uit een nieuw recept van courgettebeignets en een honing-venkelsalade. Ik vergat foto’s te maken dus die beignets moet ik nog eens maken voor dit blog. Als dolci een Sardijnse ricottataart die origineel gemaakt wordt met een typisch Sardijns drankje, filu 'e ferru te vervangen door grappa. Recepten voor ricottataarten zijn er genoeg maar dit recept is toch weer anders en heeft een prachtige gele kleur door de saffraan. Vanzelfsprekend wel ruim tevoren maken zodat de smaken kunnen intrekken.

Sardijnse ricottataart

Ingrediënten
1 bakje ricotta (250 gram)
150 gram suiker
1 zakje saffraan
3 eieren
150 bloem
1 sinaasappel
½ borrelglaasje grappa (of filu ‘e ferru)
1 zakje vanillesuiker (of vanillepoeder of suiker uit de pot met de vanillestokjes)
½  zakje bakpoeder
50 ml melk

Bereiding
  1. Verwarm de oven op 180°C.
  2. Vet een kleine springvorm in met boter en schud bestuif de vorm met wat bloem.
  3. Meng de ricotta met de suiker en de saffraan, net zolang totdat een klontvrij, homogeen mengsel ontstaat.
  4. Scheid de eiwitten van de dooiers.
  5. Voeg de eidooiers toe aan het ricottamengsel en blijf kloppen.
  6. Voeg met behulp van een zeef beetje bij beetje de bloem toe.
  7. Rasp de schil van de sinaasappel en voeg deze toe.
  8. Pers het sap uit en voeg dit met hele kleine scheutjes toe.
  9. Voeg ten slotte de grappa en de vanillesuiker toe.
  10. Los de bakpoeder op in de melk, heel even laten staan totdat het begint te schuimen en dan door het ricottamengsel roeren.
  11. Mix de eiwitten stijf en schep ze voorzichtig met een houten lepel door het ricottamengsel.
  12. Giet het mengsel in de vorm en bak de taart in ongeveer 45 totdat de korst goudbruin is.
  13. Controleer de gaarheid met een satéprikker.
  14. Laat de taart afkoelen en bestrooi hem voor het serveren met een beetje poedersuiker en eventueel wat vanillesuiker. Serveer de taart lauwwarm of op kamertemperatuur.
Bron: Culinair Sardinië

zondag 15 november 2015

Aardpeer


Hardloopster Nick kwam afgelopen woensdag met een zak vol aardperen naar de training in het Flevopark. Tijdens de koffie werden de aardperen verdeeld en werd er gezocht naar recepten. Niemand die dit eerder gegeten had. Een vergeten groente dus. Ik koos ervoor om vandaag de geroosterde aardpeer met rode ui en rozemarijn te proberen. Een aardpeersoep viel wat tegen maar dit recept van AH is wel een aanrader. Lekker met zelfgemaakte appelmoes uit Leeuwarden. Meer ideeën zijn te vinden op deze site.
Aardpeer wordt ook wel topinamboer of Jeruzalem-artisjok genoemd. Het zijn grillig gevormde knollen. Je moet ze grondig wassen en boenen (foto 2) en daarna eventueel een beetje schillen met een dunschiller. Snijd ze in stukken net als 2 rode uien en meng ze met wat zout, olijfolie, takjes rozemarijn en een flink aantal tenen knoflook (foto 3). Na ongeveer 30-45 minuten in een voorverwarmde oven van 200°C zijn ze ietwat knapperig, toch zacht en een beetje zoet (foto 4).
Ik heb nog een klein knolletje over en die gaat in een pot met aarde zodat ik volgend jaar mijn eigen aardperen heb. Ik was al gewaarschuwd, ze kunnen twee meter hoog worden, maar anders is dit nog een leuk artikel.